Nu weet ik weer waarom ik liever na zo’n 3 weken ijstraining pas een wedstrijd rij: die tijden na 1 week schaatsen zijn zo demotiverend! Erben Wennemars twitterde al over zijn kater na zijn eerste wedstrijd, terwijl hij toch al langer op het ijs heeft gestaan dan wij. Maar ja, half oktober doen we mee aan een wedstrijd in Heerenveen, en dan wil je toch wel even vast een wedstrijdje in de benen hebben. Dus vandaar de keus om gelijk maar het strakke pak uit de kast te trekken en aan de startstreep te gaan staan.
Als wedstrijdrijder ben je toch bezig met tijden, al weet je natuurlijk best dat je na 1 week ijs nog niets kunt verwachten. De hele dag speelt die wedstrijd al door het hoofd. Je staat er ’s ochtends mee op (vanavond wedstrijd!) en bij alles wat je doet speelt het mee. Schaatsen slijpen, op tijd eten, spullen bij elkaar zoeken, hoe laat moeten we weg? Tot het zo ver is en je op de fiets richting ijsbaan zit.
Start 500 meter: oef, niet echt in het schot, en nog niet helemaal stabiel. Een snelle opening zit er nog niet in, nog geen snelheid in de benen. Dan de bochten. O ja, versnellen, hoe ging dat ook al weer…. In de 2e bocht liggen blaadjes, dus oppassen. De frequentie is nog wat te traag en glijden op het Utrechtse ijs is meestal, dus ook nu, onmogelijk. Nou ja, met 47.21 moet ik het dan maar doen. Toch ook niet heel slecht, probeer ik mezelf moed in te praten.
Dan de 1500 meter. Er blijkt toch nog wel wind te staan, en glijden lukt ook na de dweil nog steeds niet. De eerste volle ronde valt tegen, seconde langzamer dan ik in mijn hoofd had. Mijn tegenstander rijdt al 100 meter voor me, dus dat helpt ook niet mee. Hoewel mijn benen sterk genoeg zijn, lukt het niet om het verval beperkt te houden. Nog te veel bezig met andere dingen en nog niet bezig met snelheid maken lijkt het wel. De eindtijd is beschamend slecht voor mijn doen, al ben ik niet de enige aan de andere klaagzangen te horen.
Nou ja, dan beschouw ik dit maar als mijn eerste tempotraining van dit seizoen. In de training nog even goed werken aan de techniek, en de volgende wedstrijd is in Heerenveen, dat motiveert sowieso al een stuk meer om echt hard te willen rijden. Maar ik kan me nu wel beter inleven in hoe Erben Wennemars zich voelt. Heb ook even aan dammen gedacht, maar nee, hou het toch maar bij schaatsen!